Op onze eerste ochtend in Frigiliana gaan Els en ik naar een bar aan de noordkant van het dorp en bestellen we een ontbijt. Op het terras in de zon genieten we van een ontspannen begin van onze vakantie. De avond ervoor heeft Transavia ons in de avond naar Malaga gebracht.
Na het ontbijt en een leuk gesprek met een Nederlandse dame die in de wintermaanden in het dorp woont en een Spanjaard die geregeld in Groningen is, omdat zijn vrouw er vandaan komt, lopen we langs een klein winkeltje om brood, kaas, tortilla en mineraalwater te kopen. Het plan is om vandaag een eenvoudige wandeling in de omgeving te maken om ons lichaam te laten wennen aan de hoogteverschillen. Daarna gaan we naar de Lidl in Nerja om de grote boodschappen te doen.
Frigiliana is een prachtig dorp dat tegen de berghelling en vlak bij zee ligt. Het staat in de top 3 van de mooiste witte dorpjes in Andalusië. Els was hier 30 jaar geleden al geweest. Ze herinnert het als een charmant stil bergdorpje, maar het is tegenwoordig gedaan met de rust. Er is een grote parkeergarage gebouwd en touringcars leveren iedere dag een karrevracht aan dagjesmensen af. Daardoor zijn er veel souvenirwinkels, kunstgaleries en restaurants. Er is een toeristentreintje, en een man die ONCE loten verkoopt.

Ondanks de drukte is het niet te druk in Frigilana. De sfeer is ontspannen en mensen zijn erg vriendelijk.
Wandeling door natuurpark Sierras de Almijara
Frigiliana ligt aan de rand van een kloof, naast het natuurpark Sierras de Almijara. Als je in het natuurpark wilt wandelen, dan moet je een steile weg naar beneden nemen, die uitkomt bij de Higueron-rivier. Daarna volg je de rivier en loop je de berg op aan de andere kant van het ravijn.
Bewegwijzering is er niet. Ik heb de route op mijn telefoon staan, dus dat is geen probleem. Ik weet dat ik ergens naar rechts moet en neem een pad dat die kant op gaat. Mijn telefoon, die een week oud is, pakt het gps signaal niet op en ik ben niet gealarmeerd. Ik kan me voorstellen dat in deze omgeving het signaal af en toe wegvalt. Als ik even later nog steeds niet exact weet waar ik ben, besluit ik mijn telefoon opnieuw op te starten. Dan zie ik dat we niet op de plek zijn waar ik dacht dat we zouden zijn. We besluiten om door te lopen en niet terug te gaan.
Het pad omhoog is smal en rotsachtig. We lopen tussen de begroeiing door en na een tijdje bereiken we de top. We nemen op de grond plaats om even bij te komen en om naar het uitzicht aan de andere kant van de berg te kijken. Ik voel me goed, want de omgeving is mooi en ik haal voldoening uit de inspanning. Els ervaart de tocht helaas totaal anders. Haar beide knieën doen pijn en ze stelt zichzelf steeds de vraag waarom ze in Nederland geen spierversterkende en mobiliserende oefeningen voor de knie heeft gedaan.
We staan op een splitsing en we gaan rechtsaf. De borden die aangeven dat dit een privéterrein is en dat hier jagers actief zijn negeren we. Als we linksaf waren gegaan, dan hadden we uren langer moeten doorlopen en dat is nu geen optie.

We wandelen door een dennenbos over de kam van de berg. Als we het bos uit zijn zien we voor ons Frigiliana, Nerja en de zee liggen. We dalen af naar de rivier en keren over de betonweg weer terug in het dorp. De wandeling is een stuk zwaarder geweest dan gepland. We hebben niet 179 hoogtemeters, maar 381 hoogtemeters overbrugd.
Op het Plaza de las Tres Culturas nemen we plaats op een terras. “We sluiten over 20 minuten”, zegt de serveerster tegen ons. We blijven zitten en bestellen een drankje. Als na ruim 10 minuten een stelletje het terras op loopt, zegt de serveerster dat ze over 15 minuten gaan sluiten. Els en ik kijken elkaar aan. In Andalusië gaat de tijd letterlijk langzamer.
La cena (ofwel het avondeten)
Els wil gaan koken, en lopend door de Lidl bedenkt ze wat ze gaat maken. Terug in het appartement blijkt dat er geen fatsoenlijke grote pan is. Els is zeer teleurgesteld en stelt voor om dan maar uit eten te gaan, en ik vind dit een uitstekend plan. We komen terecht bij de bar met de geweldige naam “La Alegría del Barrio”, ofwel “De vreugde van de wijk”. Zij serveren zwaardvis van de grill en de moot vis is zo groot, dat ik even denk dat ik in een Van der Valk hotel ben. De appelmoes met een kers ontbreekt.
In Frigiliana zijn veel restaurants, maar ze zijn vaak alleen open voor de lunch, als de dagjesmensen de straten bevolken.
Een dag later kopen we in een Chinese bazaar in Nerja een grote pan. De eigenaar van het appartement heeft beloofd de rekening te betalen. Er zijn veel Chinese winkels in Spanje, maar ze verdwijnen uit het straatbeeld door de online concurrentie en de stijgende kosten.
Nerja
We zijn in Nerja om met de Ingress gids een stadswandeling te maken. De toer begint bij het Mirador del Bendito, gaat langs El Balcón de Europa en eindigt bij de Mirador de la Torrecilla. Het is bewolkt en het waait hard. Ik duik diep in mijn jas, want de wind is guur. De weersvoorspellingen waarschuwen voor slecht weer, later deze week.
Nerja ligt bovenop een klif en er zijn veel uitzichtpunten over de zee en de kustlijn. De badplaats is toeristischer dan Frigiliana. Er zijn Irish pubs, Indiase restaurants, een supermarkt die levensmiddelen uit de UK importeert en ijssalons die allemaal gesloten zijn in de winter. We vinden Frigiliana leuker, omdat het authentieker is.
Dé bezienswaardigheid is El Balcón de Europa. Dit is een uitkijkpunt en boulevard bovenop de klif met een prachtig uitzicht op zee. In de 19e eeuw was het een verdedigingslinie en twee kanonnen herinneren aan die periode. Omdat de kerstdagen voor de deur staan, zie je op de pleinen in Spanje moderne gestileerde kerstbomen staan, die de vorm van een kegel hebben. Op het balkon van Europa staat er ook een. De palmbonen op het balkon zijn ook versierd: aan de stam zijn snoeren met lampjes bevestigd. “Wat zou het leuk zijn om hier terug te keren als het donker is”, zeg ik tegen Els.

Het is lunchtijd en we lopen naar restaurant Trebol, maar de zaak blijkt dicht te zijn vanwege familieomstandigheden. Aan de overkant van de straat valt ons oog op Cervecería La Ferretería. Naast veel biersoorten serveren ze hier ook lunch. De bediening is heel vriendelijk en de wc is schoon.
Wandeling Frigiliana-La Lastra
De volgende dag laten de auto staan en maken we een wandeling vanuit de accommodatie. Els heeft op basis van het hoogteprofiel gekozen voor de tocht naar La Lastra. Dit is een oude verlaten boerderij met een prachtig uitzicht over zowel Frigiliana als de kust bij Nerja.
De route gaat door de heuvels en langs de vele losstaande woningen, waarmee Spanje vol staat. De Spaanse Kustwet (Ley de Costas) beschermt de kustlijn tegen overbebouwing, maar het lijkt erop dat er in het binnenland van de Costa del Sol geen restricties zijn. De natuurparken zijn wel beschermd en daar mag niet worden gebouwd.
We lopen over een betonweg. Regelmatig moeten we ruimte maken voor passerende auto’s. Het voelt alsof ik in Nederland op een mooie voorjaarsdag op een fietspad loop, als wielrennend Nederland en masse de fiets uit de stalling heeft gehaald.
We komen uit op de doorgaande asfaltweg MA5105 naar Torrox. Hier begint het heen-en-weertje naar La Lastra. Gelukkig kunnen al snel een rustige weg ingaan, die overgaat in een onverhard karrenspoor. Bij het eindpunt van de wandeling liggen stenen in een cirkel op de grond en ik neem er plaats. Vanuit dit punt is het uitzicht over het dal niet spectaculair, omdat bomen in de weg staan. Als we ons 10 meter verplaatsen, kunnen we om de bomen heen kijken en kunnen we Frigiliana en de zee wel zien.
Het is een heerlijk zachte dag, met veel zon en zo’n 18 graden.
De officiële route terug is langs de MA5105, maar daar hebben we geen trek in en we kiezen ervoor om opnieuw over de betonweg te lopen. Het is geen straf, want de terugweg ziet er altijd anders uit dan de heenweg. Voor ons zien we de Middellandse Zee liggen.

Ons appartement in Frigiliana
Onze accommodatie lijkt op het eerste gezicht okay, maar is dat bij nadere inspectie niet. Het staat vol met goedkope shit uit Chinese winkels. Alleen de handdoeken zijn lekker dik en hebben een luxe uitstraling. In elke ruimte zijn er zoveel geurstokjes en geurzakjes, dat ik achterdochtig wordt en me afvraag welke stank bestreden moet worden.
Onze vakantiewoning ligt aan een straat met trappen. Je moet 70 traptreden nemen om er te komen. Gelukkig is er een alternatieve traploze toegang via de Botanische Tuin Santa Fiora. Toen we met onze baggage arriveerden op de eerste dag zijn we via de tuin gegaan.
Het huis sluit al het zonlicht hermetisch buiten. Dat is fijn in augustus als de temperatuur oploopt tot 35°C, maar het is minder aangenaam in de wintermaanden. In de ochtend voordat we op pad gaan trek ik mijn jas aan, en in de avond zetten we de elektrische kachel en de airco aan. Ik heb binnen altijd dikke sokken aan, want overal liggen ijskoude tegels.
Acantilados de Maro-Cerro Gordo
Op zondag gaan we op verkenning in Almuñécar, maar voordat we naar het stadje aan de kust gaan, maken we een wandeling door natuurpark Acantilados de Maro-Cerro Gordo. Acantilado is het Spaanse woord voor klif.

We wandelen vanaf de parkeerplaats over een betonpad naar beneden, naar het strand Playa de la Cala del Cañuelo. Boven ons zien we een Spaanse steenbok, die naar ons kijkt. We gaan verder langs het strand tot het einde van de baai. Daar nemen we een smal pad dat stijgt, en technisch vrij lastig is. Het leidt naar de top van de klif, waar we een prachtig uitzicht op de zee en de hele omgeving hebben. Onderweg zie ik vier steenbokken, die rustig het pad oversteken. Zij zien en ruiken mij niet, want ik loop tegen de wind in.
Ik geniet van de route en de omgeving, maar voor Els is de wandeling op de klippen gelopen. Haar knieën protesteren hevig.
We dalen af naar de Ermita de San Judas Tadeo, een klein gebedshuisje. Daar eten we een broodje en rusten we uit. Het is niet ver meer naar de parkeerplaats.
Almuñécar
Het is heel rustig in Almuñécar. De Spanjaarden zitten waarschijnlijk aan de traditionele zondagse familielunch. We wandelen langs een kasteel dat dateert uit de Romeinse/Moorse periode, dalen af naar de zee en gaan verder over de boulevard. De mozaïekbanken die hier staan zijn kunstwerken die scènes tonen uit de lokale cultuur, natuur en geschiedenis. We lopen de stad weer in en passeren een deel van een Romeinse aquaduct, dat vroeger maar liefst 10 kilometer lang is geweest.
Torrox Pueblo
Op maandag rijden we naar Torrox Pueblo. We parkeren de auto aan de noordkant van de stad en lopen het rivierdal in. De weg werd vroeger gebruikt door muilezelrijders die goederen naar Granada vervoerden.
De hemel is grijs en de Torrox-rivierdelta is groen. Er zijn veel avocadoboomgaarden en een enkele citrusboomgaard. Dankzij een subtropisch microklimaat dat het hele jaar door milde temperaturen biedt, kunnen boeren hier overschakelen van olijven naar avocados en zo hun marges vergroten. Maar klimaatveranderingen en langdurige droogtes hebben de laatste jaren geleid tot een forse daling in de productie.
De wandeling is niet heel lang en na 6 kilometer zijn we terug in Torrox. De zon is intussen gaan schijnen.
Torrox is één van die typische Spaanse witte dorpjes in Andalusië. Het is minder goed onderhouden dan Frigiliana en er ligt meer hondenpoep op straat. We lopen door de smalle straatjes, of liever gezegd we traplopen langs de huizen van het dorp.
We zien een groentekraampje en bij een vriendelijk man kopen we 3 aardappels en 2 sinaasappels. Hij heeft nog maar 1 tand en hij vertelt trots dat hij 71 jaar oud is. Als we verder gaan en ik even omkijk, zie ik dat hij ook nog maar 1 been heeft.

Wandeling Frigiliana-Nerja
Tijdens ons verblijf geven de weerstations steeds aan dat we langdurige regenbuien krijgen, maar het slecht weer schuift steeds een dag op. Vandaag is het ‘eindelijk’ zo ver, en als ik naar buiten kijk, dan zie ik dat het reuze mee valt. Het is gewoon droog.
ELs moet een half dagje werken en ik begin in mijn eentje aan de wandeling door de kloof langs de Higuerón-rivier naar Nerja. Net als op de eerste wandeldag daal ik op de betonweg af naar de rivier. De Higuerón neemt veel meer ruimte in dan de vorige keer, en voert al het regenwater af dat in de nacht is gevallen. Ik moet steeds op zoek gaan naar een droog stuk aan de ene of de andere kant van de rivier. Om het springen van oever naar oever en van steen naar steen veiliger en makkelijker te maken schuif ik mijn wandelstokken uit.
Het maakt de tocht leuk en avontuurlijk. En zeer geschikt voor jonge kinderen.

Na een tijdje kom ik uit bij een hindernis, waarvan ik niet direct weet hoe ik er langs moet komen. Ik krijg nu wel heel veel avontuur voor mijn kiezen. De doorgang door de kloof is versperd door een enorm rotsblok. Als ik aan de rechterkant er langs wil, dan moet ik 2 meter naar beneden springen. Kies ik voor de linkerkant, waar het water stroomt, dan hoef ik maar een meter te zakken en word ik kletsnat. Na lang dubben neem ik uiteindelijk de route linksom. Ik pak mijn zitmatje, leg het op de grote natte steen naast het stromend water en ga erop zitten. Ik wil op het matje naar beneden glijden, maar het lukt niet. Het matje komt niet in beweging. Ik spring, want ik kan hier niet zo blijven zitten.
Eenmaal beneden zie ik tot mijn verbazing een betonnen trap die aan mijn linkerkant over het rotsblok heen gaat. Ik heb de overbrugging compleets gemist en wist niet dat hij bestond. In de beschrijving van de track was de brug niet genoemd.
De spanning in mijn lijf zakt, mijn hartslag daalt en haal ik opgelucht adem.
Ik bereik het einde van de kloof en de rivierbedding is nu tientallen meters breed. Er is een spoor waarop auto’s hebben gereden. Op de helling staan woningen en schuurtjes. De huizen hebben een oprit die in de rivierbedding uitkomt. Een auto rijdt mij tegemoet, passeert mij en rijdt op 1 van de huizen af.
Ik loop onder de autosnelweg A7 door en het begint te regenen. Eerst zachtjes, en later zo hard dat ik mijn regenjas aantrek. Voor me zie ik de bebouwing van Nerja. Ik loop de stad in en een kilometer later ben ik op het balkon van Europa. Mijn wandeling zit erop en is spannender geweest dan ik had verwacht. De regen is verdwenen en ik ga in de zon op een bankje zitten. In de top van de palmbomen hoor ik het luide gekrijs van halsbandparkieten.
Je kunt met de bus terug naar Frigiliana, maar Els komt me met de auto ophalen.
Cruz de Pinto
Vandaag maken we een wandeling naar het kruis en uitzichtpunt Cruz de Pinto. We kiezen voor de route via het nieuwe gedeelte van Frigiliana en via La Molineta. Het laatste is een populaire veganistische bar die bekend staat om zijn sfeer, cocktails en tapas. Als wij er langskomen is de tent gesloten.
We dalen over een betonpad af naar de Higuerón-rivier en ik herken de brede oevers. We steken de rivier over en beginnen aan de lange klim naar het uitkijkpunt. Het betonpad gaat over in een smal en stenig wandelpad door het bos.
We worden beloond met een magnifiek uitzicht. Aan de ene kant liggen Nerja en het viaduct van de A7. Aan de andere kant bevinden zich de bergen en Frigiliana. Het is prachtig zonnig weer, met hier en daar een klein wolkje. Aan de koude wind merk ik dat het december is.
We hebben het rijk alleen, maar al snel komen in verschillende groepjes zes wandelaars op de top aan.
De legende vertelt dat Francisco de Pinto, een kapitein, een belofte deed tijdens een zware storm. Als hij en zijn bemanning gered zouden worden, zou hij een heiligdom bouwen op de hoogste berg die hij na de storm zou zien. Hij hield woord en bouwde het kruis op de berg, wat nu bekend staat als Cruz de Pinto.

Na een half uur gaan we weer naar beneden. Het pad loopt geleidelijk af en is makkelijker dan in de ochtend. We komen uit op een kruispunt van wandelpaden, waar een Duits stel pauze houdt. De man waarschuwt ons: door de regen is het pad naar Frigiliana gevaarlijk geworden. Hij raadt ons aan om via La Molineta terug te lopen.
Els en ik overleggen. Els volgt het advies van de Duitser op en ik ga de uitdaging aan. Na het avontuur van gisteren kan ik de hele wereld aan.
Ik volg een breed karrespoor en bereik een dennenbos. Het pad wordt smaller en aan de sporen op de grond kan ik zien dat hier niet zo lang geleden water heeft gestroomd. Ik kom op het pad dat ik het ken van de eerste wandeldag. Ik weet dat ik nog een stuk moet afdalen en dan bij de rivier uitkom. Die blijkt dag in dag uit steeds breder te worden. Ik schuif mijn wandelstokken uit en begin aan de laatste etappe van vandaag. Onderaan het dorp ga ik de steile helling op. In het dorp op het Plaza de las Tres Culturas bestel ik een drankje en een tapa.
Ik snap niet goed waar de Duitser voor waarschuwde. Er was helemaal niets aan de hand.
Cómpeta
De donderdag staat in het teken van een bezoek aan Frank en Johan. Ze wonen in Cómpeta en hebben tientallen jaren het reisbureau Hannibal gehad. Elf jaar geleden ben ik met ze meegegaan op een groepswandelreis naar Tenerife en heb ik ze voor de eerst keer ontmoet. Sinds die tijd hebben we contact gehouden. Els kent ze ook, van een wandelvakantie in de Chartreuse.
Voordat we op de thee gaan, rijden we via Cómpeta naar Canillas de Albaida voor een korte wandeling. We dalen af naar het plaatsje Árchez en volgen de loop van de Cajula-rivier. We wandelen over een metalen loopbrug, die bovenop een oud irrigatiekanaal is aangelegd. Daarna gaan we verder over een Romeinse brug en een Romeinse weg.
We komen regelmatig wandelaars tegen, en dat is misschien de reden dat de route rijkelijk gemarkeerd is met paaltjes en bordjes. We zien opvallend veel avocadobomen. In Torrox worden ze afgeschermd met hekken van 2 meter hoog, en in deze streek staat her en der een bord met een pictogram, dat aangeeft aan dat je geen avocado’s mag plukken.
We zijn sneller klaar met onze wandeling dan gepland en we blijven een poosje op een bankje in de zon zitten. We willen namelijk niet veel te vroeg bij Frank en Johan aankomen.
Anderhalf jaar geleden heb ik een weekendje bij de jongens doorgebracht. In de tussentijd hebben ze het huis aangepast en de luifel dicht gemaakt met glazen schuifwanden. Het ziet er prachtig uit. Op deze manier hebben ze een extra kamer gecreëerd, waar het heerlijk warm is. De zon fungeert als een kachel, en als die ondergaat, dan is 1 blok olijfhout in de openhaard voldoende om er behaaglijk bij te zitten. In Frigiliana hebben Els en ik het altijd koud in ons appartement.
Het weerzien is warm en hartelijk. Nadat we elkaar hebben bijgepraat over de belangrijke gebeurtenissen in onze levens, verlaten Frank en ik het huis en laten we de hond uit. “Heb je veel van de omgeving gezien?”, vraagt Johan als we anderhalf uur later terugkomen. “Nee”, zeg ik naar waarheid, “we hebben heerlijk gekletst”.
Voor het donker rijden Els en ik terug naar Frigiliana. De weg met veel scherpe bochten moet met aandacht worden gereden, en dat wil je liever in het daglicht doen.
Terug naar huis
De volgende dag neem ik in de middag het vliegtuig naar huis. Els blijft nog een week of 3 in Spanje. Terug in Nederland hoor ik buiten steeds een opvallend geluid dat hoort bij Nederland in de winter. Het is het gakken van ganzen. Ik heb het bijna gemist.
Hi Carolien.
Leuk blog, fijn om te lezen, heel beeldend.
Brengt fijne herinneringen terug aan de paar dagen die we in deze omgeving doorbrachten in de jaren negentig.
Het doet me goed dat mijn verhaal fijne herinneringen bij je oproept, Anne. Dat is een groot compliment. Dank je wel.
Hallo Carolien, zoals gewoonlijk weer beeldend beschreven. Enne, het was leuk je weer te zien. Wellicht tot ziens voor of na de taalcursus. Besos Frank en Johan
Ja, ik zou heel graag een maand naar Spanje willen om mijn taalvaardigheden te vergroten en om tijd met jullie door te brengen. 😘
Geweldig Carolien!
Je doet het fysiek allemaal wel. Vind het heel knap van je!
Leuk dat je ook in Nerja was.
En….blijven schrijven hoor, zo leuk om je belevenissen te lezen.
Zulke leuke reacties als je jouwe motiveren me om te blijven schrijven, Floor.
Els belde me gisteren. Het was met kerst enorm druk in Frigiliana, te druk zelfs.
En het weer is sinds mijn vertrek slechter geworden. Maar ik denk dat het altijd te prefereren is boven het weer in Nederland. We hebben hier een paar dagen met gevoelstemperatuur -10 gehad en vanmorgen was het spekglad in Amsterdam en de rest van het land door bevriezing van natte weggedeelten.
Wat een belevenissen en fijn dat het wandelen goed gaat. Hou dit vast en het zal alleen maar beter gaan. Succes Carolien.
Dank je wel, Miranda .
Superleuk geschreven. Fijn dat je weer op avontuur in de bergen kunt. Dat smaakt vast naar meer.
Veel wandelplezier in 2026
Dat smaakt zeker naar meer, Bianca ⛰️ 🥾 🕶 🎒
Spanje is geweldig! En jij ook!
😘