Afstand: 18,6 km
Startpunt: TOP De Linielanding, Nieuwegein
Landschap: Polder, boerenland en uiterwaarden
Naar de routebeschrijving
De hele avond en een deel van de nacht had de regen op mijn slaapkamerraam gebeukt, maar toen ik wakker werd was het stil. Ik merkte dat ik veel zin had in de wandeling van vandaag. Lisette en ik gingen het Rondje Linielanding doen. We kenden de wandeling al en ik had de route wat aangepast, omdat ik veel kilometers wilde maken en omdat het altijd leuk is om nieuwe paden te verkennen.
Tijdens het ontbijt nam ik het laatste nieuws door. De basiliek Sagrada Família in Barcelona had na 144 jaar zijn hoogste punt bereikt, maar was nog niet af. Op de Winterspelen in Milaan hadden “we” wederom goud gewonnen op de lange baan en shorttrack. En de voormalige Britse prins Andrew was gearresteerd, omdat hij gevoelige informatie aan Epstein had doorgegeven.
Ik haalde mijn waterdichte parka van de kapstok, deed mijn halfhoge waterdichte wandelschoenen aan en stak een paraplu bij me.
Een klein uurtje later trof ik Lisette aan op de parkeerplaats bij Hajé restaurant Nieuwegein, gelegen aan de A27. Na afloop van onze wandeltocht zouden we hier wat gaan drinken.
We begonnen op een grasdijk langs de Schalkwijkse wetering en we waren omringd door de weilanden van het poldergebied, dat Het Eiland van Schalwijk wordt genoemd. In een van die weilanden renden twee hazen achter elkaar. De rammeltijd was blijkbaar aangebroken. Enkele kievit mannetjes voerden een baltsvlucht uit. We wisten het nu zeker: De lente hing in de lucht.

Rechts van ons, aan de andere kant van het water, hoorden we ganzen vrolijk gakken. Toen we dichterbij kwamen zagen we dat het er wel meer dan 1.000 waren. Er waren grauwe ganzen, brandganzen, kolganzen en grote Canadese ganzen. Ze houden van het eiwitrijke Engelse raaigras, waarmee Nederland vol ligt. Tussen de ganzen stonden ver van elkaar 3 grote zilverreigers te foerageren. Zij waren op zoek naar vis in poelen en sloten, als ook naar muizen in het grasland.
Lisette en ik wilden ganzen leren herkennen aan het geluid dat ze maken. Dit leerdoel hadden we ons vaker gesteld, maar nu gingen we er echt werk van maken. We gaven onszelf huiswerk op. In De Virtuoze Vogelzanggids stonden QR-codes naar alle vogelgeluiden. We namen ons voor om thuis te luisteren naar de vier ganzensoorten, die we vandaag hadden gezien, in de hoop dat we ze straks in het wild konden herkennen.
Wil je ook gakkende ganzen leren onderscheiden, ga dan aan de slag met de onderstaande geluidsfragmenten:
- Grauwe gans: https://vimeo.com/660886946
- Brandgans: https://vimeo.com/660884650
- Kolgans: https://vimeo.com/660896012
- Grote Canadese gans: https://vimeo.com/660886668
Links van ons, aan onze kant van het water, zat een groep van een paar honderd ganzen in het weiland. Toen we ze naderden, vlogen ze verschrikt en luid gakkend op.
We staken de Kanaaldijk over en volgden het vlonderpad door Het Verdronken Bos. Alleen stukken boomstam staken nog boven het wateroppervlakte uit. De houten planken waarop we liepen waren bezaaid met ganzenpoep. We wilden er niet op staan en wandelden zigzaggend tussen de bruine, witte en groene uitwerpselen door.

De route bracht ons daarna op een grasdijk langs het inundatiekanaal. Door de regen van de afgelopen dagen was de ondergrond van klei veranderd in een gladde glibberige glijbaan. Het kostte me veel energie om op de been te blijven.
Naast de dijk was een boomgaard. Ik herinnerde me dat ik de vorige keer dat ik hier was aan Lisette had voorgesteld om in de bloesemperiode de wandeling nog eens te doen. Het was er nooit van gekomen.
We kwamen langs inundatiegebied Blokhoven en we ging even het gebied in, omdat er een bankje met picknicktafel stond en we behoefte aan een pauze hadden. We betraden een vlonderpad, dat bedolven was door ganzenpoep. Ik probeerde met mijn schoenen niet op de strond te gaan staan, maar ik slaagde daar niet helemaal in. Waarom hebben ganzen een grote voorliefde voor vlonderpaden? En waarom schijten ze zoveel?
Google gaf de antwoorden. Vlonders zijn voor de dieren een open en verhoogde rustplek, van waaruit ze eenvoudig gevaar kunnen spotten. En ze schijten zoveel, omdat de maag en darmen van ganzen niet helemaal geschikt zijn om gras te verteren. Daardoor hebben ze een zeer snelle spijsvertering en produceren ze elke 4 minuten een keutel. Dat laatste is een leuk nutteloos weetje.
De hindernisbaan op het vlonderpad was niet het enige obstakel: er was ook een trekpontje. Het was eigenlijk geen belemmering, want we vinden het altijd leuk om onszelf op een pontje naar de overkant van het water te trekken.


Toen we uiteindelijk aan de picknicktafel zaten begon het te regenen. We klapten onze paraplus uit, dronken een kopje thee en aten een boterham.
We vervolgenden onze tocht over de Achterdijk richting het Werk aan de Groeneweg. Hier waren we nog nooit geweest. Het was aangelegd tussen 1914 en 1918 ter verdediging van het Fort bij Honswijk. De infanteriestelling bestaat uit een dubbele loopgraaf met aarden wallen en 55 schuilplaatsen van gewapend beton. Tijdens de verbouwing in de jaren 30 werden tien schuilplaatsen voorzien van schietgaten, zodat er kon worden geschoten en werden er hoogstamfruitbomen aangeplant, zodat het geheel vanuit de lucht minder zou opvallen.

Wat ooit een verdedigingswerk was in een periode van oorlog, conflict en gevaar , was nu een idyllisch natuurgebiedje, met hoogteverschillen, waterpartijen en prachtige fruitbomen.
We gingen verder op de Lekdijk richting het Fort bij Honswijk, dat 1.700 meter westelijk lag. Omdat het harder was gaan regenen, besloten we op de dijk te blijven en niet het graspad onder de dijk te pakken. We stapten liever een klein half uurtje flink door, dan dat we noodgedwongen moesten schuifelen over de glibberige klei. “We nemen het graspad wel, als we terugkomen in de bloesemtijd”, zei Lisette met een glimlach.
Vanaf de dijk hadden we een mooi overzicht op de omgeving. Aan de rechterkant waren boerderijen, bunkers en weilanden, en aan de linkerkant de uiterwaarden met ruigten, bossen en plassen. In de rivierbodem tussen de kribben had men houten palen geplaatst. Op bijna elke paal zat een vogel te wachten totdat de regen voorbij was. Onze broekspijpen werden natter en natter, en ons lentegevoel was nu helemaal verdwenen.
Als je vaak naar Parijs gaat, dan bezoek je niet iedere keer de Eiffeltoren. Daarom lieten we Fort Honswijk (1841-1848) links liggen, letterlijk en figuurlijk. En we gaven ook geen aandacht aan het verdedigingswerk Lunet aan de Snel (1845-1846).
Het was inmiddels droog geworden. Na een uitstapje over het Bokkenpad en de Lange Uitweg kwamen we bij de rivier de Lek terug. Hier was de Honswijkerplas. Dit is een aangelegde zwemplas met zandstranden, grasoevers en een wandelpad aan de kant van de dijk. Bij een speeltuintje pauzeerden we even en aten we wat.
Het laatste traject van de wandeling leek vooraf het minst uitdagend, maar was dat niet. Het wandelpad, dat aan de rechterkant werd begrensd door hoge bramenstruiken, was namelijk helemaal onder water gelopen. Ik aarzelde. Lisette nam de leiding en ging kordaat voorop lopen. Ze zei: “Kom, het lukt wel”. Het water kwam tot mijn enkels, en ik liep dapper en tegelijkertijd bevreesd door. Toen ik de bocht om was, zag ik tot mijn opluchting dat het terrein iets omhoog liep en dat droge grond in zicht was. Mijn voeten waren niet nat geworden. Mijn wandelschoenen bleken echt waterdicht te zijn.

We moesten nog een stukje over de Lekdijk en over het fietspad langs de A28. Hajé kwam in zicht, en daar lag een heerlijk warme Apfelstudel op ons te wachten. De wandeltocht van 18,6 kilometer was afwisselend en avontuurlijk geweest. Wandelen is helemaal niet saai!
In januari 2021 liepen Lisette en ik de tocht ook, tijdens de coronapandemie. Het verslag en de foto’s van die dag kun je hier in mijn blog vinden
Goh Carolien. Ik wist niet dat er zoveel Engelsgras in Nederland was. Wist geeneens dat het hier bestond, dus op mijn oude dag heb ik nog wat van je geleerd.
Moeder van Lisette.
Hallo moeder van Lisette, ik ben heel blij dat u mijn blog leest en dat u er nog wat van opsteekt.
Ik ga even met cijfers strooien. Nederland heeft circa 962.000 hectare aan grasland.
Een hectare (10.000 m2) is gelijk aan ongeveer 1,5 tot 2 voetbalvelden.
De meest dominante grassoort in Nederland is het Engels raaigras. Het is populair, omdat het zeer voedselrijk is en snel groeit.
Als je ergens een gifgroen monotoon grasveld ziet, dan is het in de regel raaigras.
Het gebrek aan kruiden en variatie biedt helaas weinig ruimte aan insecten en weidevogels. Het wordt niet voor niets de groene woestijn genoemd 🐄.